De Blog van Vrijheid Radio

Monthly Archives: oktober 2015

fyra

De parlementaire enquêtecommissie Fyra heeft woensdag 28 oktober 2015 om 12.00 uur haar eindrapport gepresenteerd. Het onderzoek van de enquêtecommissie richtte zich op de vraag waarom het beoogde vervoer met de Fyra over de Hogesnelheidslijn-Zuid niet tot stand is gekomen.

De conclusie van het rapport laat zich raden uiteraard; er zijn ook bij dit overheidsproject grote “verwachtingen” niet waargemaakt, alles kostte meer dan verwacht, en alles duurde bovendien langer dan verwacht. Uiteraard is de oplossing waarmee de onderzoekers aankomen dat er meer en strenger toezicht moet komen in de toekomst, in dit geval door Inspectie Leefomgeving en Transport, de ILT.
Uiteraard was het de schuld van een aantal betrokken politici, ambtenaren en enkele mensen binnen de NS. Redenen van het falen waren gelegen in holle uitdrukkingen als “verkeerd gestelde prioriteiten” en “het voorrang geven aan andere belangen dan het reizigersbelang”…
Heel leuk allemaal, maar wat zijn nu de concrete gevolgen van het hele Fyra/HSL-Zuid debacle? Laten we even kort door de bocht een en ander opsommen;

  1. De beloofde dienst is niet geleverd
  2. Het geld van burgers is al uitgegeven (aan een door ambtenaren geselecteerde groep bedrijven/mensen)
  3. De verantwoordelijken/ schuldigen (betrokken ambtenaren, politici en betrokkenen van monopolist NS) lopen nog los rond.
  4. Er zal spoedig meer regelgeving komen (vrijheid beperkt en meer kosten voor wetgeving en handhaving).
  5. We zijn een door de burger betaald rapport rijker.

Men zou de bovenstaande opsomming bijna één op één kunnen gebruiken om de gevolgen van voorgaande falende/gefaalde overheidsprojecten te beschrijven. Bij menig discussie hoor ik mensen vaak zeggen; “Tja, dat hoort er nu eenmaal bij”. Welnu, in dit geval ben ik het met die mensen eens! Overheid zonder dergelijke schandalen zou immers geen overheid zijn!

Opeenvolging van Schandalen inherent aan “overheid”

In een vrije markt wordt een bedrijf dat slechte diensten levert “gestraft” door zijn klanten. Zij zullen naar een concurrent gaan, of in het uiterste geval Überhaupt geen gebruik meer maken van desbetreffende dienst, en zoeken naar alternatieven1. Worden klanten opgelicht door medewerkers van een bedrijf, dan kunnen verantwoordelijken aansprakelijk gesteld worden voor de schade of onverschuldigde betaling.

Zodra overheid partij is bij een project is bovenstaande een stuk minder van toepassing. Overheid is voor de inkomsten immers niet afhankelijk van de “vrije keuze” van de klant. Geen belasting betalen is immers een “keuze” waarop een boete, dan wel gevangenisstraf staat, waarbij door handhavingsinstanties (uiteindelijk zelfs dodelijk) geweld gebruikt kan worden, afhankelijk van de mate van verzet door de burger. Overheidsinstanties zijn voor hun bestaansrecht dus niet afhankelijk van de tevredenheid van de klant. Al is de dienstverlening door overheidsinstanties nog zo slecht, geld komt immers toch wel binnen.

De drempel voor Ambtenaren en politici om (andermans) geld over de balk te gooien ligt dan ook veel lager dan in de private sector. Herinnert u zich bijvoorbeeld nog hoe enkele jaren terug een handjevol politici vol trots aankondigde het ingezamelde geldbedrag voor een natuurramp “te verdubbelen? “ Dat was natuurlijk niet met hun eigen geld, maar met belastinggeld! Dus als u besloot om €50,- te doneren, dan betaalde u zelf de verdubbeling, maar probeerden deze politici met de eer te strijken. En zo gaat het altijd.

Het is deze verlaagde drempel om geld uit te geven, die maakt dat op de lange termijn de netto dienstverlening door overheid altijd van mindere kwaliteit zal zijn dan in de private sector, en dat de netto kosten uiteindelijk ook altijd hoger zullen zijn dan “voorzien”.

Want “overheid” zelf creëert niets. Overheid neemt van de productieve sector en herverdeelt het, waarbij een deel van de energie opgaat aan het herverdelen zelf.

Dus zo lang als mensen braaf belasting betalen, zullen schandalen of blamages zoals de Fyra en de Hogesnelheidslijn-Zuid ook in de toekomst blijven voorkomen. Sterker nog, met de constante uitbreiding van overheidsbevoegdheden, kunnen we zelfs een sterke toename hiervan verwachten. En laten we eerlijk zijn? Verwacht u verbetering?

Aike de Vries

voetnoot
1. Überpop is een mooi voorbeeld van een alternatief voor te hoge prijzen en slechte service in de taxi branche. Aangezien overheid mede debet is aan de hoge prijzen binnen de taxi branche door alle regelgeving, probeert overheid diezelfde Taxibranche te “redden” door Überpop te verbieden. (Fout met fout trachten op te lossen )

modernart
Gedurende de koude oorlog moest en zou de Verenigde Staten tegenover de Sovjet Unie bewijzen dat ze geen culturele woestijn waren. De Sovjet Unie had dit namelijk beweerd.

In 1947 financierde het State Departement een tournee van abstract expressionisten door diverse Europese hoofdsteden om zodoende te bewijzen dat die Amerikanen best wel gevoel hadden voor kunst.
Men had voor deze expressionistische kunstenaars gekozen omdat hun werk het gevoel van ultieme vrijheid zouden uitstralen. Het zou een enorm contrast tonen tegenover het strakke Socialistisch Realisme van de Russische propagandakunst. De tournee riep echter enorme verontwaardiging op bij zowel het publiek als bij de toenmalige president Truman. Het Amerikaanse publiek vond het onacceptabel en onbegrijpelijk dat men een onbeduidende stroming uit de moderne kunst had gekozen om om de Verenigde Staten te vertegenwoordigen in Europese musea. En de meesten zagen abstract expressionisme niet eens als kunst. President Truman bijvoorbeeld reageerde bij het zien van de kunstwerken met de volgende woorden “Als dat kunst is ben ik een Hottentot”.

De tournee werd afgelast. Gezien alle ophef besloot men het daarom maar in het geheim te doen.
Kort daarvoor, in 1947, was de Central Inteligence Agency (CIA) opgericht. Het beïnvloeden van cultuur stond vanaf dag één hoog op de agenda. Men startte Crusade For Freedom en wierf fondsen voor Radio Free Europe. Maar men deed nog meer. De CIA wilde invloed uitoefenen op talloze vormen van media.. EEn subdivisie binnen de CIA, Propaganda Assets Inventory, voerde deze taak uit. Het doel was diverse tijdschriften en kranten beïnvloeden om zodoende de Amerikaanse cultuur populair te maken in het buitenland. Ook werden er tournees gesponsord van Amerikaanse jazz, opera en klassieke orkesten. Ook werden er films gefinancierd zoals een animatie van George Orwell’s “Animal farm”.

Er doen geruchten de ronde dat de CIA in de jaren ’60 betrokken zou zijn bij het regisseren van de hippiebeweging in Californië, waarbij kennis gebruikt zou zijn uit een ander project van de CIA, namelijk MK Ultra. Ook de bij de hippies populaire geestverruimende middelen als LSD hebben een oorsprong bij de CIA.
Deze geruchten hebben echter te weinig onderbouwing en auteurs die de connectie tussen CIA en hippie trachten te bewijzen doen dit al te vaak met aannames, waardoor het moeilijk serieus te nemen is.
Desalniettemin wil ik in de toekomst mij hier verder in verdiepen, want het is best wel een interessante periode.

Terug naar de propagandaoorlog: in 1950 werd het IOD opgericht, wat staat voor International Organisations Division. Tom Branden stond daar aan het roer. Het doel was “Invloed via subsidieverstrekking”. Zo werd vanaf 1950 het congres van culturele vrijheid gefinancierd. Dit was een groep schrijvers, intellectuelen en historici die in diverse kranten en tijdschriften artikelen leverden. Alles wat gepubliceerd werd stond onder toezicht van de Amerikaanse inlichtingendienst. Via dit congres had de CIA invloed op meer dan 800 tijdschriften in 35 verschillende landen.

Midden jaren ’60 kwam aan het licht dat het CCF geregisseerd werd door de CIA waarop de hoofdredacteur van het tijdschrift Encounter opstapte.

commercial voor Crusade for Freedom

De subsidieverstrekking loopt via een fonds dat beheert wordt door ene Julius “Junkie” Fleischmann junior. Een miljonair uit een familie die kapitaal vergaarde in de productie van gist en sterke drank. Zijn broer Charles nam de zaak van zijn vader over en hij was zelf meer actief in de wereld van kunst en cultuur. Hij opende galerieën en sponsorde theaterstukken en krijgt zelf de functie van secretaris in het Museum van Moderne Kunsten in New York. Deze man beheert daarnaast ook de pot met geld waarmee de CIA hun invloed koopt in de media en cultuur.

Begin jaren ’50 besluit men de mislukte tour van Amerikaans abstract expressionisten nieuw leven in te blazen. Dit is onderdeel van operatie “Long Leash”. Werken van Jackson Pollock, Mark Rothko, en Willem de Kooning gaan wederom op tournee door Europa, ditmaal gefinancierd door het door Fleischmann beheerde Fairfield fonds.

Enkele van deze tournees zijn Modern Art in the United States” (1955), “Masterpieces of the Twentieth Century” (1952) en “The New American Painting” (1958/59).

De keuze was hoogstwaarschijnlijk op abstracte kunst gevallen om het Socialistisch Realisme zoals de Russische propagandakunst werd genoemd, strakker en minder vrij te doen lijken.
Bizar detail is dat veel van de door de CIA gefinancierde kunstenaars zelf Marxist waren.

Maar er is nog meer. Uiteraard werd er aan deze kunst verdient. Tom Branden van het IOD verzamelde deze abstract expressionisten, wat geen slechte investering was als je tevens over de middelen beschikte om deze kunst via de media te hypen, wat ook gebeurde.

Tom Branden zat tevens, net als Julius Fleischman jr in de raad van bestuur van het New Yorkse Museum van Moderne Kunst. Wie zaten er nog meer in die raad? Directeur was Nelson Rockefeller, Dan was er nog William Paley, president en oprichter CBS en eigenaar van Columbia Records. Een ander bestuurslid van het museum was John Hay Whitney, die een verleden had bij de voorloper van de CIA, de OSS. Withney volgde Rockefeller op in de jaren ’40. Rockefeller zou betrokken blijven bij het museum, dat door zijn moeder is opgericht. Nelson richt tevens het museum voor primitieve kunst op.

Het is niet helemaal duidelijk in hoeverre de fondsen van de CIA publiek geld bevatte of puur uit vrijwillige giften bestonden. Zelfs in het laatste geval is het nog steeds bedenkelijk dat een overheidsdienst gebruikt wordt om kunst te promoten. Kunst die eerder door het grote publiek afgewezen werd. Hetzelfde publiek dat onvrijwillig de salarissen van de CIA medewerkers betaald, welke vervolgens kunst in het gezicht laat werpen van degene die blijk hebben gegeven dit niet te waarderen.

Uiteindelijk bleek het niets anders dan een propagandamachine te zijn voor de MoMa

Maar wanneer we kijken hoe erg de Nederlandse overheid de afgelopen decennia openlijk cultuur en kunst heeft gesubsidieerd met publiek geld, waaronder veel abstracte kunst, dan valt het bovenstaande verhaal, waarbij sprake was van private fondsen, nog mee.

Hieronder nog even de feiten op een rijtje met wat naslagwerk erbij.

Johan Jongepier

 

Wie waren de hoofdrolspelers:

Waarmee werdt er gespeeld?

  1. Een heleboel Amerikaans belastinggeld (exacte bedrag is onduidelijk)
  2. HetAmerican Abstract Expressionisten: Jackson Pollock, Robert Motherwell, Willem de Kooning and Mark Rothko

Wanneer speelde het zich af?
Periode 1950-60

Naam van de operatie?
Operatie “Long Leash”

Waarom gebeurde dit?

  • Achtergrond: koude oorlog > propaganda oorlog vs Sovjet Unie,
  • Doel: om aan te tonen dat de kunst v/d VS meer intellectuele en creatieve vrijheid had dan de Russische propagandakunst
  • Oorsprong: 1947 State Departement sponsorde tour “Advancing American Art”, (in antwoord op Sovjet claim dat US ‘n culturele woestijn was)
  • Reactie:
    • onrust bij Amerikaanse publiek
    • Afkeur Truman: als dit kunst is ben ik een Hottentot
    • Hysterische beschuldigingen van McCartey jegens Avantgarde
  • Gevolgen: Tour stopt > Dilemma > beslissing: geheime operatie
  • Reden:
    1. stoppen tour zou het idee ondermijnen dat VS een  hoogstaand, cultureel rijke democratie was
    2. Men wilde graag dat New York cultuurhoofdstad zou worden ipv Parijs

Hoe gebeurde dit?

  • CIA subdivisie > Propaganda Assets Inventory (1947) met invloed op 800 kranten, tijdschriften en andere media
  • Volgende stap > International Organisations Division (IOD) (1950) olv Tom Braden
    Invloed via subsidoeverstrekking:
    • filmindustrie: George Orwell animatie “Animal Farm”,
    • internationale tournees Amerikaanse jazz, opera en symfonie orkesten.
    • Invloed in uitgeverijen
    • Invloed kunst > America’s anarchistische avant-garde beweging, het Abstracte Expressionisme.
  • Congress for Cultural Freedom (CCF)
    • Groep schrijvers, intellectuelen, historici en artiesten,
    • gehuisvest in 35 landen
    • Tientallen tijdschriften oa Encounter magazine
    • Sponsoring van tournees door grote Amerikaanse steden:
      • “Modern Art in the United States” (1955)
      • “Masterpieces of the Twentieth Century” (1952).
      • “The New American Painting” (1958/59)
  • Betrokkenheid Farfield Foundation en Rockefeller
    • Nelson Rockefeller, president Museum of Modern Art in New York, was grootste sponsor, maar had ook contract met CCF
      Het bestuur van dit museum:
      • William Paley, (president en oprichter CBS en eigenaar van Columbia Records) zat in raad van bestuur Museum’s internationale activiteiten.
      • Voorzitter van raad John Hay Whitney zat voorheen bij CIA voorloper OSS
      • IOD chef Tom Braden was secretaris en tevens groot verzamelaar van deze abstracte kunt
      • Julius Fleischmann, tevens voorzitter Farfield Foundation gebruikte CIA geld om in kunst te investeren

Enkele bijzonderheden

  • Kunstenaars waren over het algemeen extreem links (Marxist, Trotkyist)
  • Operatie strikt geheim:
    • Publiek zou verontrust worden (kunstvorm niet populair)
    • artiesten zelf waren er niet van op de hoogte en hadden het zelfs niet op prijs gesteld dat ze door de CIA gebruikt werden
    • Zo stapte Stephen Spencer in 1967 op als hoofdredacteur bij zijn eigen kunstmagazine Encounter toen bekend werd dat de CIA de hoofdsponsor was.

Quotes
IOD chef Tom Braden, tevens groot verzamelaar van de kunst die hij op kosten van de belastingbetaler promote:

We wanted to unite all the people who were writers, who were musicians, who were artists, to demonstrate that the West and the United States was devoted to freedom of expression and to intellectual achievement, without any rigid barriers as to what you must write, and what you must say, and what you must do, and what you must paint, which was what was going on in the Soviet Union. I think it was the most important division that the agency had, and I think that it played an enormous role in the Cold War”

It was very difficult to get Congress to go along with some of the things we wanted to do – send art abroad, send symphonies abroad, publish magazines abroad. That’s one of the reasons it had to be done covertly. It had to be a secret. In order to encourage openness we had to be secret.

“It takes a pope or somebody with a lot of money to recognise art and to support it, And after many centuries people say, ‘Oh look! the Sistine Chapel, the most beautiful creation on Earth!’ It’s a problem that civilisation has faced ever since the first artist and the first millionaire or pope who supported him. And yet if it hadn’t been for the multi-millionaires or the popes, we wouldn’t have had the art.

Braden over Farfield Foundation:

“We would tell him what we were trying to do and pledge him to secrecy, and he would say, ‘Of course I’ll do it,’ and then you would publish a letterhead and his name would be on it and there would be a foundation. It was really a pretty simple device.”

 

Bron:

The Independent

CIA library

Overige Referenties: