De Blog van Vrijheid Radio

JohnGalt

zuilen


De Laatste Zuil

Toen de koning op Prinsjesdag 2013 in zijn troonrede het einde van de verzorgingsstaat en het begin van de participatiesamenleving aankondigde, klonk dat heel mooi. We zijn nu echter twee jaar verder en hoe is de transitie van verzorgende naar terugtrekkende overheid verlopen? Kan de overheid het afleren zich met onze gang van zaken te bemoeien? En worden wij geacht te participeren met het prijskaartje van een verzorgingsstaat?
door Johan Jongepier

Om een scherp beeld te krijgen van de huidige transitie wil ik eerst eens terug gaan naar de overgang van de verzuiling naar de verzorgingsstaat.

Met de komst van de armen- en de kinderwet in de 19e eeuw werd de eerste aanzet gegeven tot datgene wat zich later zou uitbreiden tot de verzorgingsstaat. Het markeerde het einde van de nachtwakersstaat. In de hoop armoede op te lossen werden er begin twintigste eeuw steeds meer rechten aan arbeiders toegekend die vandaag de dag juist plichten zijn geworden (zoals leer- sollicitatie- en zorgplicht).

De Duitse bezetter voerde in 1941 het Ziekenfondsbesluit in waarmee het Nederlandse (vrijwillige, particuliere en verzuilde) ziekenfondssysteem werd hervormt tot de (verplichte) Duitse Krankenkasse. Na de oorlog zou deze verzorgingsstaat steeds meer worden uitgebouwd, waarna al snel zou blijken dat dit bouwwerk onhoudbaar was. De Nazi’s hielden hun verzorgingsstaat in stand met het leegroven van andere gebiedsdelen. Zonder die roof was het namelijk niet te betalen. Dit zat al verborgen in  Göring’s beroemde uitspraak “Als er honger komt, dan niet in Duitsland”.

Voor de Nazi’s was de Duitse verzorgingsstaat een ideaal middel om loyaliteit van de bevolking te winnen. De loyaliteit aan de Nederlandse verzorgingsstaat zou later ook zichtbaar worden bij de babyboomgeneratie die midden jaren ‘60 de volwassen leeftijd bereikte in een luilekkerland dat mede door de PvdA voor hun was ingericht.

De vooroorlogse generatie was door de verzuilde vorm van sociale zekerheid gevangen binnen de zuil van de levensbeschouwing waarbinnen ze geboren en getogen waren.  Die zuilen fuseerden tot één grote zuil, de verzorgingsstaat en zette samen met de komst van massamedia, popmuziek en democratisering de ontzuiling van de samenleving extra kracht bij, met als gevolg dat de babyboomgeneratie zich minder gebonden voelde met de levensbeschouwing van hun ouders. Als je uit een Rooms nest kwam hoefde je niet langer meer bij het wit-gele kruis of de NKV te zijn voor sociale zekerheid.

Kort door de bocht genomen kun je zeggen dat de babyboomers nieuwe dominees vonden in Cremer, Wolkers, Reve en Mulisch, radio Veronica draaide de nieuwe psalmen, men noemde zichzelf kunstenaar en zocht in kraakpanden naar nieuwe wegen en vormen en hoefde zich financieel geen zorgen meer te maken, want de staat betaalde alles via uitkeringen en subsidies. Uiteraard is dit een karikatuur die niet op alle babyboomers van toepassing is, maar over velen kan gezegd worden dat zij zich steeds meer geborgen begonnen te voelen in een nieuwe kerk, namelijk die van de verzorgingsstaat. Uiteindelijk vond men een baan in de publieke sector, waar je voor veel geld weinig hoefde te presteren, maar je zat wel in de positie anderen te vertellen hoe zij moesten leven. Zo ontstond een nieuwe priesterklasse, die van de ambtenaar.

In het verre verleden verworven rechten zijn voor hen heilige dogma’s geworden waar moeilijk van afgeweken kan worden. Het recht op onderwijs is inmiddels een leerplicht, recht op werk  is een sollicitatieplicht en omvatten een gigantische bureaucratie waarbij een pauselijk decreet niets is. Dit belemmert de transitie naar een participatiesamenleving enorm.

Men zou kunnen zeggen dat de verzorgingsstaat ons heeft bevrijdt uit de zuilen waarbinnen wij als samenleving gevangen zaten. Levensbeschouwingen zijn vandaag de dag immers eerder een persoonlijke keus dan een erfenis van het nest waarbinnen je geboren bent,

maar de verzorgingsstaat beperkt ons desondanks wel in onze keuzevrijheid. Nu wij een semi-privaat zorgstelsel hebben dat nog beperkter is dan de kruisverenigingen tijdens de verzuiling en die ook nog zo verplicht zijn als het Ziekenfondsbesluit uit 1941, is er van vrijheid weinig sprake. En zolang er nog sprake is van een gereguleerde markt in plaats van een vrije markt is de kans klein dat de kosten zullen dalen.

Daar komt ook nog eens de onvrijwillige afdracht aan de staat bij die niet  minder lijkt te worden nu wij als samenleving al twee jaar participeren. Of worden we geacht onbetaald de billen van onze oude buurman te wassen terwijl wij als samenleving nog steeds de lasten dragen van een verzorgingsstaat, terwijl ons wijs gemaakt wordt dat die ten einde is?

De participatiesamenleving mag dan een deur openen naar een vrijere samenleving, maar de vraag is of de mensen die nog steeds heilig in die verzorgingsstaat geloven de rest van de samenleving die vrijheid wel gunnen? Wanneer zij zich in de positie van een ambtenaar bevinden, willen zij participerende burgers wel die ruimte geven? Is die mentale omschakeling van regelen naar loslaten wel zo makkelijk te maken door iemand die geboren en getogen is in het idee dat moeder overheid voor ons moet zorgen?

Het succes van een participatiesamenleving ligt naar mijn mening in de wijze waarop wij afrekenen met de erfenis van de verzorgingsstaat. Zolang deze nog druk op ons uitgeoefend, is het moeilijk participeren.

Maar nog belangrijker, hoe reken jij als individu hiermee af? Want uiteindelijk is dit alles slecht een hoofdstuk in de geschiedenis van de emancipatie van het individu dat zich eeuwenlang los wil breken uit de dominante zuil van het collectivisme.

Johan Jongepier

timmermans

De Elsevier berichtte 13 november over een uitspraak van eurocommissaris Frans  Timmermans over het voortbestaan van de EU tijdens een conferentie in Praag diezelfde dag. Hij waarschuwde:  ‘Het enige alternatief voor de EU is oorlog!’

Nu moeten we niet direct in paniek raken als een politicus met oorlog dreigt, want wie een goed geheugen heeft weet dat (voormalig) ministers vaker zeggen dat er oorlog uit zal breken als men niet onvoorwaardelijk voor centralisatie van macht in Brussel kiest. Zo beloofde toenmalig minister Donner in 2005 dat er oorlog in Europa zou uitbreken bij een massaal “Nee” op het referendum over de Europese grondwet. Gelukkig bleef die oorlog toen uit.

Geschiedenis leert dat we heel goed moeten opletten, juist als politici met retoriek argumenteren! Dus laten we even stilstaan bij de uitspraak van Timmermans in het kader van de “migratiecrisis”. Volgens Timmermans “hoort migratie bij het leven”, maar “moeten landen die beweging samen in goede banen leiden”. Zo zouden landen beter moeten samenwerken als het gaat om grenscontroles.  Ook EU-voorzitter Donald Tusk had het over een “race tegen de klok” om Schengen te redden en hamerde daarvoor op de noodzaak van “een goed beheer van de buitengrenzen van de EU”.  Maar ligt daarin de oplossing? Aan de overkant van de oceaan probeert de Amerikaanse overheid bijvoorbeeld al enige tijd om met een peperduur hek en strenge grenscontroles Mexicaanse immigranten tegen te houden, maar dit blijkt tot op heden weinig succesvol. En hoe realistisch is het dat de Europese bureaucratie hier succesvoller in zou zijn?

In het politieke debat wordt er weinig onderscheid gemaakt tussen migranten en vluchtelingen. Het is niet onwaarschijnlijk dat hier om politieke redenen bewust geen onderscheid tussen gemaakt wordt. Want zodra politici het beestje bij de correcte naam zouden gaan noemen, en zouden spreken over vluchtelingen enerzijds en gelukszoekers anderzijds, zouden ze moeten erkennen dat er eigenlijk niet één oplossing bestaat die het “probleem” in een keer oplost.  Een gelukszoeker is immers iets heel anders dan een vluchteling.

In de huidige discussie wordt vaak gezegd dat we hier blij moeten zijn met gelukszoekers omdat bloeiperiodes in de geschiedenis ook vaak gepaard gingen met een toestroom van deze migranten. Zoals in het Amerika van rond 1900 of in het Nederland van de 17e eeuw. Velen vergeten echter een groot verschil tussen die situaties en de actuele situatie in het westen; in tegenstelling tot de voorbeelden kent het huidige westen door de belastingbetaler gefinancierde sociale voorzieningen voor iedereen.
De sociale voorzieningen waar de Nederlanden in de gouden eeuw internationaal om bekend stonden, bestonden uit liefdadigheid.  Geld van anderen krijgen was destijds geen recht, maar een gunst. Zonder ‘recht op gratis geld’, blijven slechts de meest gemotiveerden komen. En blijven diegenen die alleen willen profiteren over het algemeen thuis.

Het vluchtelingenprobleem vergt echter een andere oplossing. Ook hier niet aan de grens, maar door de oorzaak aan te pakken. En dat vergt een kritische blik op de manier waarop westerse overheden interveniëren in andere landen. Los van de vraag of u gelooft in de oprechtheid van de intenties waarmee interventie telkens aan ons verkocht wordt. Hoe zou u reageren als een “supermacht” met haar leger ons land zou bezetten, een nieuwe regering zou instellen en structureel invallen zou doen bij inwoners op zoek naar wapens of verzetsstrijders?  En met drones aanvallen zou uitvoeren op ons grondgebied, waarbij u wellicht familie en/of vrienden zou verliezen als gevolg van “collateral damage”?

Timmermans’ doomscenario is alleen realistisch, als wij niet bereid zijn om kritisch te kijken naar wat wij politici laten doen met ons geld.

Aike de Vries

fyra

De parlementaire enquêtecommissie Fyra heeft woensdag 28 oktober 2015 om 12.00 uur haar eindrapport gepresenteerd. Het onderzoek van de enquêtecommissie richtte zich op de vraag waarom het beoogde vervoer met de Fyra over de Hogesnelheidslijn-Zuid niet tot stand is gekomen.

De conclusie van het rapport laat zich raden uiteraard; er zijn ook bij dit overheidsproject grote “verwachtingen” niet waargemaakt, alles kostte meer dan verwacht, en alles duurde bovendien langer dan verwacht. Uiteraard is de oplossing waarmee de onderzoekers aankomen dat er meer en strenger toezicht moet komen in de toekomst, in dit geval door Inspectie Leefomgeving en Transport, de ILT.
Uiteraard was het de schuld van een aantal betrokken politici, ambtenaren en enkele mensen binnen de NS. Redenen van het falen waren gelegen in holle uitdrukkingen als “verkeerd gestelde prioriteiten” en “het voorrang geven aan andere belangen dan het reizigersbelang”…
Heel leuk allemaal, maar wat zijn nu de concrete gevolgen van het hele Fyra/HSL-Zuid debacle? Laten we even kort door de bocht een en ander opsommen;

  1. De beloofde dienst is niet geleverd
  2. Het geld van burgers is al uitgegeven (aan een door ambtenaren geselecteerde groep bedrijven/mensen)
  3. De verantwoordelijken/ schuldigen (betrokken ambtenaren, politici en betrokkenen van monopolist NS) lopen nog los rond.
  4. Er zal spoedig meer regelgeving komen (vrijheid beperkt en meer kosten voor wetgeving en handhaving).
  5. We zijn een door de burger betaald rapport rijker.

Men zou de bovenstaande opsomming bijna één op één kunnen gebruiken om de gevolgen van voorgaande falende/gefaalde overheidsprojecten te beschrijven. Bij menig discussie hoor ik mensen vaak zeggen; “Tja, dat hoort er nu eenmaal bij”. Welnu, in dit geval ben ik het met die mensen eens! Overheid zonder dergelijke schandalen zou immers geen overheid zijn!

Opeenvolging van Schandalen inherent aan “overheid”

In een vrije markt wordt een bedrijf dat slechte diensten levert “gestraft” door zijn klanten. Zij zullen naar een concurrent gaan, of in het uiterste geval Überhaupt geen gebruik meer maken van desbetreffende dienst, en zoeken naar alternatieven1. Worden klanten opgelicht door medewerkers van een bedrijf, dan kunnen verantwoordelijken aansprakelijk gesteld worden voor de schade of onverschuldigde betaling.

Zodra overheid partij is bij een project is bovenstaande een stuk minder van toepassing. Overheid is voor de inkomsten immers niet afhankelijk van de “vrije keuze” van de klant. Geen belasting betalen is immers een “keuze” waarop een boete, dan wel gevangenisstraf staat, waarbij door handhavingsinstanties (uiteindelijk zelfs dodelijk) geweld gebruikt kan worden, afhankelijk van de mate van verzet door de burger. Overheidsinstanties zijn voor hun bestaansrecht dus niet afhankelijk van de tevredenheid van de klant. Al is de dienstverlening door overheidsinstanties nog zo slecht, geld komt immers toch wel binnen.

De drempel voor Ambtenaren en politici om (andermans) geld over de balk te gooien ligt dan ook veel lager dan in de private sector. Herinnert u zich bijvoorbeeld nog hoe enkele jaren terug een handjevol politici vol trots aankondigde het ingezamelde geldbedrag voor een natuurramp “te verdubbelen? “ Dat was natuurlijk niet met hun eigen geld, maar met belastinggeld! Dus als u besloot om €50,- te doneren, dan betaalde u zelf de verdubbeling, maar probeerden deze politici met de eer te strijken. En zo gaat het altijd.

Het is deze verlaagde drempel om geld uit te geven, die maakt dat op de lange termijn de netto dienstverlening door overheid altijd van mindere kwaliteit zal zijn dan in de private sector, en dat de netto kosten uiteindelijk ook altijd hoger zullen zijn dan “voorzien”.

Want “overheid” zelf creëert niets. Overheid neemt van de productieve sector en herverdeelt het, waarbij een deel van de energie opgaat aan het herverdelen zelf.

Dus zo lang als mensen braaf belasting betalen, zullen schandalen of blamages zoals de Fyra en de Hogesnelheidslijn-Zuid ook in de toekomst blijven voorkomen. Sterker nog, met de constante uitbreiding van overheidsbevoegdheden, kunnen we zelfs een sterke toename hiervan verwachten. En laten we eerlijk zijn? Verwacht u verbetering?

Aike de Vries

voetnoot
1. Überpop is een mooi voorbeeld van een alternatief voor te hoge prijzen en slechte service in de taxi branche. Aangezien overheid mede debet is aan de hoge prijzen binnen de taxi branche door alle regelgeving, probeert overheid diezelfde Taxibranche te “redden” door Überpop te verbieden. (Fout met fout trachten op te lossen )

modernart
Gedurende de koude oorlog moest en zou de Verenigde Staten tegenover de Sovjet Unie bewijzen dat ze geen culturele woestijn waren. De Sovjet Unie had dit namelijk beweerd.

In 1947 financierde het State Departement een tournee van abstract expressionisten door diverse Europese hoofdsteden om zodoende te bewijzen dat die Amerikanen best wel gevoel hadden voor kunst.
Men had voor deze expressionistische kunstenaars gekozen omdat hun werk het gevoel van ultieme vrijheid zouden uitstralen. Het zou een enorm contrast tonen tegenover het strakke Socialistisch Realisme van de Russische propagandakunst. De tournee riep echter enorme verontwaardiging op bij zowel het publiek als bij de toenmalige president Truman. Het Amerikaanse publiek vond het onacceptabel en onbegrijpelijk dat men een onbeduidende stroming uit de moderne kunst had gekozen om om de Verenigde Staten te vertegenwoordigen in Europese musea. En de meesten zagen abstract expressionisme niet eens als kunst. President Truman bijvoorbeeld reageerde bij het zien van de kunstwerken met de volgende woorden “Als dat kunst is ben ik een Hottentot”.

De tournee werd afgelast. Gezien alle ophef besloot men het daarom maar in het geheim te doen.
Kort daarvoor, in 1947, was de Central Inteligence Agency (CIA) opgericht. Het beïnvloeden van cultuur stond vanaf dag één hoog op de agenda. Men startte Crusade For Freedom en wierf fondsen voor Radio Free Europe. Maar men deed nog meer. De CIA wilde invloed uitoefenen op talloze vormen van media.. EEn subdivisie binnen de CIA, Propaganda Assets Inventory, voerde deze taak uit. Het doel was diverse tijdschriften en kranten beïnvloeden om zodoende de Amerikaanse cultuur populair te maken in het buitenland. Ook werden er tournees gesponsord van Amerikaanse jazz, opera en klassieke orkesten. Ook werden er films gefinancierd zoals een animatie van George Orwell’s “Animal farm”.

Er doen geruchten de ronde dat de CIA in de jaren ’60 betrokken zou zijn bij het regisseren van de hippiebeweging in Californië, waarbij kennis gebruikt zou zijn uit een ander project van de CIA, namelijk MK Ultra. Ook de bij de hippies populaire geestverruimende middelen als LSD hebben een oorsprong bij de CIA.
Deze geruchten hebben echter te weinig onderbouwing en auteurs die de connectie tussen CIA en hippie trachten te bewijzen doen dit al te vaak met aannames, waardoor het moeilijk serieus te nemen is.
Desalniettemin wil ik in de toekomst mij hier verder in verdiepen, want het is best wel een interessante periode.

Terug naar de propagandaoorlog: in 1950 werd het IOD opgericht, wat staat voor International Organisations Division. Tom Branden stond daar aan het roer. Het doel was “Invloed via subsidieverstrekking”. Zo werd vanaf 1950 het congres van culturele vrijheid gefinancierd. Dit was een groep schrijvers, intellectuelen en historici die in diverse kranten en tijdschriften artikelen leverden. Alles wat gepubliceerd werd stond onder toezicht van de Amerikaanse inlichtingendienst. Via dit congres had de CIA invloed op meer dan 800 tijdschriften in 35 verschillende landen.

Midden jaren ’60 kwam aan het licht dat het CCF geregisseerd werd door de CIA waarop de hoofdredacteur van het tijdschrift Encounter opstapte.

commercial voor Crusade for Freedom

De subsidieverstrekking loopt via een fonds dat beheert wordt door ene Julius “Junkie” Fleischmann junior. Een miljonair uit een familie die kapitaal vergaarde in de productie van gist en sterke drank. Zijn broer Charles nam de zaak van zijn vader over en hij was zelf meer actief in de wereld van kunst en cultuur. Hij opende galerieën en sponsorde theaterstukken en krijgt zelf de functie van secretaris in het Museum van Moderne Kunsten in New York. Deze man beheert daarnaast ook de pot met geld waarmee de CIA hun invloed koopt in de media en cultuur.

Begin jaren ’50 besluit men de mislukte tour van Amerikaans abstract expressionisten nieuw leven in te blazen. Dit is onderdeel van operatie “Long Leash”. Werken van Jackson Pollock, Mark Rothko, en Willem de Kooning gaan wederom op tournee door Europa, ditmaal gefinancierd door het door Fleischmann beheerde Fairfield fonds.

Enkele van deze tournees zijn Modern Art in the United States” (1955), “Masterpieces of the Twentieth Century” (1952) en “The New American Painting” (1958/59).

De keuze was hoogstwaarschijnlijk op abstracte kunst gevallen om het Socialistisch Realisme zoals de Russische propagandakunst werd genoemd, strakker en minder vrij te doen lijken.
Bizar detail is dat veel van de door de CIA gefinancierde kunstenaars zelf Marxist waren.

Maar er is nog meer. Uiteraard werd er aan deze kunst verdient. Tom Branden van het IOD verzamelde deze abstract expressionisten, wat geen slechte investering was als je tevens over de middelen beschikte om deze kunst via de media te hypen, wat ook gebeurde.

Tom Branden zat tevens, net als Julius Fleischman jr in de raad van bestuur van het New Yorkse Museum van Moderne Kunst. Wie zaten er nog meer in die raad? Directeur was Nelson Rockefeller, Dan was er nog William Paley, president en oprichter CBS en eigenaar van Columbia Records. Een ander bestuurslid van het museum was John Hay Whitney, die een verleden had bij de voorloper van de CIA, de OSS. Withney volgde Rockefeller op in de jaren ’40. Rockefeller zou betrokken blijven bij het museum, dat door zijn moeder is opgericht. Nelson richt tevens het museum voor primitieve kunst op.

Het is niet helemaal duidelijk in hoeverre de fondsen van de CIA publiek geld bevatte of puur uit vrijwillige giften bestonden. Zelfs in het laatste geval is het nog steeds bedenkelijk dat een overheidsdienst gebruikt wordt om kunst te promoten. Kunst die eerder door het grote publiek afgewezen werd. Hetzelfde publiek dat onvrijwillig de salarissen van de CIA medewerkers betaald, welke vervolgens kunst in het gezicht laat werpen van degene die blijk hebben gegeven dit niet te waarderen.

Uiteindelijk bleek het niets anders dan een propagandamachine te zijn voor de MoMa

Maar wanneer we kijken hoe erg de Nederlandse overheid de afgelopen decennia openlijk cultuur en kunst heeft gesubsidieerd met publiek geld, waaronder veel abstracte kunst, dan valt het bovenstaande verhaal, waarbij sprake was van private fondsen, nog mee.

Hieronder nog even de feiten op een rijtje met wat naslagwerk erbij.

Johan Jongepier

 

Wie waren de hoofdrolspelers:

Waarmee werdt er gespeeld?

  1. Een heleboel Amerikaans belastinggeld (exacte bedrag is onduidelijk)
  2. HetAmerican Abstract Expressionisten: Jackson Pollock, Robert Motherwell, Willem de Kooning and Mark Rothko

Wanneer speelde het zich af?
Periode 1950-60

Naam van de operatie?
Operatie “Long Leash”

Waarom gebeurde dit?

  • Achtergrond: koude oorlog > propaganda oorlog vs Sovjet Unie,
  • Doel: om aan te tonen dat de kunst v/d VS meer intellectuele en creatieve vrijheid had dan de Russische propagandakunst
  • Oorsprong: 1947 State Departement sponsorde tour “Advancing American Art”, (in antwoord op Sovjet claim dat US ‘n culturele woestijn was)
  • Reactie:
    • onrust bij Amerikaanse publiek
    • Afkeur Truman: als dit kunst is ben ik een Hottentot
    • Hysterische beschuldigingen van McCartey jegens Avantgarde
  • Gevolgen: Tour stopt > Dilemma > beslissing: geheime operatie
  • Reden:
    1. stoppen tour zou het idee ondermijnen dat VS een  hoogstaand, cultureel rijke democratie was
    2. Men wilde graag dat New York cultuurhoofdstad zou worden ipv Parijs

Hoe gebeurde dit?

  • CIA subdivisie > Propaganda Assets Inventory (1947) met invloed op 800 kranten, tijdschriften en andere media
  • Volgende stap > International Organisations Division (IOD) (1950) olv Tom Braden
    Invloed via subsidoeverstrekking:
    • filmindustrie: George Orwell animatie “Animal Farm”,
    • internationale tournees Amerikaanse jazz, opera en symfonie orkesten.
    • Invloed in uitgeverijen
    • Invloed kunst > America’s anarchistische avant-garde beweging, het Abstracte Expressionisme.
  • Congress for Cultural Freedom (CCF)
    • Groep schrijvers, intellectuelen, historici en artiesten,
    • gehuisvest in 35 landen
    • Tientallen tijdschriften oa Encounter magazine
    • Sponsoring van tournees door grote Amerikaanse steden:
      • “Modern Art in the United States” (1955)
      • “Masterpieces of the Twentieth Century” (1952).
      • “The New American Painting” (1958/59)
  • Betrokkenheid Farfield Foundation en Rockefeller
    • Nelson Rockefeller, president Museum of Modern Art in New York, was grootste sponsor, maar had ook contract met CCF
      Het bestuur van dit museum:
      • William Paley, (president en oprichter CBS en eigenaar van Columbia Records) zat in raad van bestuur Museum’s internationale activiteiten.
      • Voorzitter van raad John Hay Whitney zat voorheen bij CIA voorloper OSS
      • IOD chef Tom Braden was secretaris en tevens groot verzamelaar van deze abstracte kunt
      • Julius Fleischmann, tevens voorzitter Farfield Foundation gebruikte CIA geld om in kunst te investeren

Enkele bijzonderheden

  • Kunstenaars waren over het algemeen extreem links (Marxist, Trotkyist)
  • Operatie strikt geheim:
    • Publiek zou verontrust worden (kunstvorm niet populair)
    • artiesten zelf waren er niet van op de hoogte en hadden het zelfs niet op prijs gesteld dat ze door de CIA gebruikt werden
    • Zo stapte Stephen Spencer in 1967 op als hoofdredacteur bij zijn eigen kunstmagazine Encounter toen bekend werd dat de CIA de hoofdsponsor was.

Quotes
IOD chef Tom Braden, tevens groot verzamelaar van de kunst die hij op kosten van de belastingbetaler promote:

We wanted to unite all the people who were writers, who were musicians, who were artists, to demonstrate that the West and the United States was devoted to freedom of expression and to intellectual achievement, without any rigid barriers as to what you must write, and what you must say, and what you must do, and what you must paint, which was what was going on in the Soviet Union. I think it was the most important division that the agency had, and I think that it played an enormous role in the Cold War”

It was very difficult to get Congress to go along with some of the things we wanted to do – send art abroad, send symphonies abroad, publish magazines abroad. That’s one of the reasons it had to be done covertly. It had to be a secret. In order to encourage openness we had to be secret.

“It takes a pope or somebody with a lot of money to recognise art and to support it, And after many centuries people say, ‘Oh look! the Sistine Chapel, the most beautiful creation on Earth!’ It’s a problem that civilisation has faced ever since the first artist and the first millionaire or pope who supported him. And yet if it hadn’t been for the multi-millionaires or the popes, we wouldn’t have had the art.

Braden over Farfield Foundation:

“We would tell him what we were trying to do and pledge him to secrecy, and he would say, ‘Of course I’ll do it,’ and then you would publish a letterhead and his name would be on it and there would be a foundation. It was really a pretty simple device.”

 

Bron:

The Independent

CIA library

Overige Referenties:

vr-s03e37Het vluchtelingenprobleem. Aan de linkerzijde van het politieke spectrum hoor je: verwelkom de vluchtelingen en stop ze weg in een kamp waar ze een aantal jaren op kosten van de samenleving depressief mogen wezen.

Aan de rechterzijde hoor je dat de grenzen gesloten moeten worden want de vluchtelingen zouden om tal van redenen een bedreiging vormen voor de Nederlandse samenleving, veiligheid, welvaart en cultuur.

Ik geef toe, het is complexe materie, maar is die complexiteit wel nodig? Laten we eens een aantal eeuwen terug gaan in de tijd. De periode dat mijn voorouders van uit het Zuiden van Europa deze richting op kwamen.

Het lot van de vluchteling in het verleden.

Mijn voorouders waren vluchtelingen en gastarbeiders. Ze kwamen naar dit land toe zonder de taal te kennen. Het was ook nog eens in een tijd dat dit land overspoeld werd door vluchtelingen terwijl wij ook nog een oorlog uitvochten met andere Europese landen.

vluchtelingen

Nederland in de Gouden Eeuw

Steden als Amsterdam groeiden enorm in deze periode, mede dankzij de enorme stroom immigranten uit omringende Europese landen. Toch noemen wij deze periode de Gouden Eeuw en kijken veel mensen met heimwee terug naar die tijd.

Mijn voorouders waren zoals zoveel voorouders van de gemiddelde Nederlanders geen hooggeschoolden of rijke handelaren. Het waren simpele handwerkslieden die vanuit Frankrijk deze kant op waren gevlucht voor Filips de tweede.

Er is een heel groot verschil tussen de komst van immigranten in die tijd en in deze tijd. In de 16e en 17e eeuw was er geen verzorgingsstaat. Opvang van ouderen, wezen, armen en andere hulpbehoevenden gebeurde particulier. Ook het scheppen van werkgelegenheid was geen staatsaangelegenheid. De kooplieden lieten dijken aanleggen, bouwden molens,  pompten het water eruit en legden er bloembollenvelden aan. Veel immigranten mochten er een akker pachten en konden op die manier een inkomen vergaren.

Het was in die tijd niet complex maar erg simpel: als jij bereid was de handen uit de mouwen te steken kon niets jou stoppen een goed leven op te bouwen.

the-arrival-of-the-pilgrim-fathers-antonio-gisbert[1]

Bootvluchtelingen arriveren in Amerika

Het leven in die tijd was dan wel hard, de hygiëne slecht en levensverwachting kort, maar dat kwam omdat de wetenschap in de kinderschoenen stond en tal van uitvindingen die ons leven veraangenamen nog gedaan moesten worden. Dat zou later gebeuren toen men aan de overkant van de oceaan de principes van vrijheid omarmden. Het land dat voortkwam uit dit verlangen naar meer vrijheid werden de Verenigde Staten van Amerika genoemd en ook hier zag je een enorme stroom van immigranten uit alle windhoeken op gang komen om in dit nieuwe land een beter bestaan op te bouwen.

Mensen die straatarm aankwamen op Ellis Island hadden vrijwel meteen werk en waren binnen een korte periode op het niveau van de middenklasse.

Een vluchteling die begon als krantenverkoper had in die tijd nog de kans om te eindigen als mediamagnaat. dat zou vandaag de dag vrijwel onmogelijk zijn.

Het lot van de vluchteling vandaag de dag

Kom je vandaag de dag als vluchteling naar Nederland, dan wacht je een asielprocedure, een inburgeringscursus en uiteindelijk de verzorgingsstaat. Dit is voor iedere asielzoeker hetzelfde, of je nu gelukzoeker bent of iemand die een onderdrukkend regime is ontvlucht en op zoek is naar een beetje vrijheid, het maakt niet uit, de meedogenloze bureaucratische molen discrimineert niet op afkomst.

De Nederlandse asielprocedure is geen pretje. Met meerdere mensen deel je jarenlang een klein verblijf in een voortdurende onzekerheid of je mag blijven of niet. Je zit vaak met mensen van verschillende achtergronden op elkaars lip. Dit leidt vaak tot spanningen en ruzie. In de gaarkeuken eet je voedsel waar je maag niet aan gewend is en werken mag je niet. Ja, voor een euro per dag mag je in de spoelkeuken of de wasserette werken. Net als in een gevangenis.

Buiten de poorten van het AZC loert van alles op het binnengekomen volk, van vrouwenhandelaren tot evangelisten die jagen op zieltjes.

Ik heb ooit als vrijwilliger daar kleding uitgedeeld. Een Afrikaanse vrouw wist mij toen wakker te schudden, waardoor ik plotsklaps door kreeg wat er niet klopte aan dit systeem. Ze zei:  “We don’t want your pity. We have also our pride. We want to earn our own living.”

Dat is in essentie wat er mis is met dit systeem. De menselijke waardigheid, de trots, word gebroken. Het systeem leert mensen te buigen en afhankelijk te zijn van  anderen. Onmenselijk dus.

Wanneer je na jaren in deze procedure eindelijk licht aan het einde van de tunnel ziet, is dat veel eerder het licht van de tegemoetkomende trein. Psychisch is een gemiddeld mens dan al gesloopt. Het enige wat zo’n procedure je leert is afhankelijkheid en opkijken naar je zogenaamde meesters in de hoop dat je je papiertje mag ontvangen dat zegt dat je mag blijven. Mag je eenmaal blijven en nader je de arbeidsmarkt met een gat van jaren op je cv. Wat staat je dan te wachten? Misschien was je in het land van herkomst chirurg, bankier, advocaat, opticien, ondernemer of zelfs directeur. Hier in Nederland zegt dat helemaal niks.

Ik heb asielzoekers gesproken die in hun land van herkomst deze beroepen beoefenden, maar in dit land in de schoonmaak belandden of in een uitkering terecht kwamen. Trots telt helaas niet in Nederland. Je psyche moet gesloopt worden volgens de dominees van de linkse kerk, net zo lang tot je alleen nog maar een onderworpene van de almachtige staat bent. Mensen die in de verzorgingsstaat geloven zouden zich moeten realiseren dat ze in feite in de almachtige onmenselijkheid geloven. De bedoelingen van de mensen die werkzaam zijn binnen dit overheidsapparaat mogen het misschien goed bedoelen, maar het zijn juist al deze goede bedoelingen die de weg plaveien naar dit systeem van gedwongen afhankelijkheid.

Als deze procedure er niet was geweest waren deze mensen hoogstwaarschijnlijk in betere posities terecht gekomen. Dan hadden ze zich kunnen ontplooien en voor zichzelf en hun familie kunnen zorgen met de vruchten van hun eigen arbeid. Wellicht hadden ze vrijwillig kunnen bijdragen aan de samenleving, kunnen doneren aan kerk, moskee of buurthuis.

Hun langdurige, zinloze verblijf in troosteloze kampen heeft de samenleving inmiddels miljarden gekost. Als die miljarden nooit door de belastingdienst waren geïnd, maar in de economie waren gebleven, had dat meer welvaart en meer banen opgeleverd voor ons en voor al die binnengestroomde vluchtelingen van de laatste decennia.

Dan heb je ook nog het ridicule idee dat de overheid uitkeringen zou moeten regelen, een verhaal dat je zelfs in Afrika hoort: “That country in the north that gives away 1000 euro every month for free! Let’s go and check it out!”. Dit hoorde een familielid van mij letterlijk in west Afrika toen ze zei dat ze uit Nederland kwam. Waarom hebben we überhaupt uitkeringen? Vandaag de dag kan je je tegen ieder wissewasje verzekeren. Waarom zou de overheid ons dan op onvrijwillige basis tegen werkeloosheid moeten verzekeren, enkel om dit geld aan een groep gelukzoekers uit te delen die niet de intentie hebben de handen uit de mouwen te steken? Begrijp mij niet verkeerd, er zijn er genoeg die willen werken, er zijn er die tegen hun zin in de bijstand komen, maar er zijn er ook die doelbewust van het systeem profiteren. Als je als overheid dit systeem creëerde, moet je niet gek opkijken dat er mensen misbruik van maken.

De overheid is de oorzaak, niet de oplossing

BqdYZ5BCAAE-HwF[1][1]

McCain’s selfie met ISIS

In alle gevallen lijkt het mij dat het vluchtelingenprobleem geen probleem had hoeven zijn. Het daadwerkelijke probleem – van begin tot eind – is dat zich ergens ter wereld een overheid ermee bemoeide. De problemen in Syrië ontstonden omdat senator McCain wapens uitdeelde aan gematigde rebellen die we nu kennen als het alles behalve gematigde ISIS dat met hun Amerikaanse wapens onvoorstelbaar wrede dingen doet. Vervolgens gooit het westen daar bommen en niet ISIS maar onschuldige burgers vinden de dood als gevolg van die bombardementen.

De Syriërs ontvluchten vervolgens dit geweld in bootjes omdat overheden her en der de grenzen over land afsluiten. Daarbij verdrinken vluchtelingen. Eenmaal aangekomen zoeken ze een weg richting landen met een grote verzorgingsstaat. Want ja, wat zou jij in zo’n situatie doen, wanneer je gelokt bent met folders over gratis levensonderhoud? Dan wil je na zo’n barre toch daar toch ook wel heen? Overheden doen de gekste pogingen om die stroom te onderbreken, wat vrij zinloos is. Mensen weten zelfs uit zwaar bewaakte gevangenissen te ontsnappen. De Berlijnse muur hield zelfs mensen die wilden ontsnappen niet tegen, dus waarom grenzen sluiten? Denken ze nu echt dat dit werkt of is het slechts symboolpolitiek?

De oplossing

De beste oplossing lijkt mij om een voorbeeld te nemen aan Nederland in de Gouden Eeuw of de VS in de 19e eeuw: maak het die mensen zo makkelijk mogelijk om te werken en hun eigen inkomen te vergaren. Schaf een hoop regels omtrent arbeid af zodat men zonder al te veel poeha en papierwerk zo aan de slag kan. Het beste is natuurlijk helemaal geen poeha en papierwerk. De grootste reden van hoge werkeloosheid is tenslotte alle belemmerende wetgeving en belastingen op arbeid, die het voor werkgevers onaantrekkelijk maakt om in dit land mensen aan te nemen. Daarom wijken veel bedrijven uit naar lage loon landen of landen met weinig bureaucratie en lage belastingen.

Nu er zoveel immigranten hier naartoe komen zou de overheid er verstandig aan doen de belemmeringen op arbeid weg te nemen. Inkomstenbelasting af te schaffen, zodat wij als land beter kunnen concurreren met andere landen. Het domste is mensen wegstoppen in die meedogenloze asielprocedure. Tijdelijke opvang valt wat voor te zeggen, maar dat kan ook particulier geregeld worden. En schaf die verzorgingsstaat alsjeblieft eens af. Die heeft nooit gewerkt, kost een hoop geld en is in feite compleet failliet.

Ik wil graag afsluiten met terug te komen op het gene waar ik dit artikel mee begon. Aan de linkerzijde wil men asielzoekers verwelkomen en opsluiten in AZC’s. Aan de rechterzijde roept men “grenzen dicht”. Wat is in het kort de libertarische antwoord op dit vraagstuk?

In het kort: overheid, bemoei je niet met vluchtelingen, maar schaf daarentegen regels af die mensen belemmeren om hun eigen inkomen te vergaren. Grijp alleen in wanneer mensen zich misdragen en laat ze verder met rust

 

Johan Jongepier

Vrijheidradio.com

Wat zou jij doen als jij de baas zou zijn over de hele planeet?
Een leerzaam verhaal over samenleving en politiek en de moraliteit van belastingheffing en heerschappij.

Vertaald en ingesproken door Johan Jongepier
Oorspronkelijke video: If you where king van Larken Rose

Ja dames en heren, jongens en meisjes, welkom op de Vrijheid Radio blog.

Zoals je ziet is het nog een beetje kaal, maar weldra gaan we leven in de brouwerij brengen door van alles hier te posten.

Dus houd de boel scherp in de gaten, want dit zijn allemaal van die toetsenbordridders die niet geregeerd wensen te worden, dus daar mogen best wat toezichthouders naar toe gestuurd worden.

Je weet zelluf!

Joahn